Gezinsblad
Jan Preusterink, geb. te Doetinchem ± 1768, ovl. 27 jun 1831, #Ovl. Kring van Dorth (gem. Kring van Dorth) 27-6-1831, huis nr. 38, 16.00 uur: Jan Preusterink, 54, schoolonderwijzer, geboren in de gemeente Lochem, weduwnaar van Hendrika Nijman. Op grond hiervan zou men ervan moeten uitgaan dat Jan geboren is in 1776 of 1777.#, beroep(en): schoolmeester, woonplaats(en): in de Kring van Dorth
Gebeurtenis: belijdenis gedaan Lochem 28 mrt 1790 #RBSG 1075.3, lidmaten (NH) Lochem: 28-3-1790 op gedaane belijdenis Jan Pruisterink, met att. na Holten d. 28 dito. NB belijdenis 30-3-1804: Frederika Pruisterink, met att. naar Zutfen den 30. April 1805.#

Gehuwd 22 jun 1808, #RBSG 790: huw. Kring van Dorth (civiel) 22-6-1808 Jan Proestrink, J.M. 32 jaeren oud geb. onder Lochem, wonende onder Dorth, niet verwand, ouders onbekend, geene andere engagementen, Hendrica Nijmans J.D. 24 jaeren oud geb. te Wijhe wonende onder Dorth niet verwand, het consent van de moeder schriftelijk volgens attest gebleeken, geene andere engagementen aangegaan.# met:
Hendrika Arends Nijman, ged. te Wijhe 22 mei 1785, #Wijhe 22-5-1785: Hendrieka, dochter van Arend Nijman en Janna Herms.#, ovl. 25 nov 1811, #Kring van Dorth gem. Gorssel 25-11-1811: overleden des namidags om drie uren ten haren huize onder Dorth Hendrika Nieman ehevrouw van Jan Preusterink schoolmeester te Dorth, hebbende gedaan huiswerk, oud 27 jaren.#, dochter van (?) Arend Nijman en Janna Harms Overweg
#GA Gorssel, Archief voormalige gemeente Kring van Dorth, Ingekomen stukken d.d. 16-10-1820, no. 173. Op de Lijst van ambtenaren en bedienden: Jan Preusterink, schoolonderwijzer sinds 1 junij 1792, oud 45 jaren, weduwenaar.#
1) Arnoldus Preusterink, geb. 22 nov 1808, ovl. te Bathmen 23 okt 1884
Bijzonderheden:

Uiterlijk van Arnoldus Preusterink #Gegevens over de militaire loopbaan van Arnoldus Preusterink uit ARA-Den Haag, Archief Ministerie van Oorlog (1813-1913), nummers 1421 en 1422 (Stamboeken van de tweede Divisie Koninklijke Marechausse in Limburg) respectievelijk pagina 16 (nummer 94/783) en pagina 4 (nummer 159/94). De teksten zijn niet overal even helder.#

Bij zijn aantreden als marechaussee was hij lang 1el, 6 palmen, 9 duimen. Zijn aangezicht was breed, zijn voorhoofd hoog, zijn ogen blauw, zijn neus groot, zijn mond idem, zijn kin rond, en zijn haar en wenkbrauwen lichtbruin.

Arnoldus Preusterink kwam als loteling nummer 70 uit de provincie Gelderland gemeente Dorth op 1 mei 1827 als milicien bij de 7e afdeling Infanterie. Hij was met Groot Verlof afwezig van 1 mei 1827 tot 1 maart 1828, vervolgens van 7 februari 1829 tot 1 september 1830, en weer van 23 juni 1833 tot 26 october 1833. Ingevolge Art. 171 der wet van 1 januari 1817 werd hij op 5 maart 1835 voor de tijd van twee jaar zonder handgeld als vrijwilliger gengageerd. Op 6 april 1835 werd hij korporaal. Op 10 mei 1836 werd hij als milicien geroyeerd en ingeschreven als gewoon vrijwilliger der staande armee wegens volbragte militie diensttijd. Op 16 maart 1837 werd Arnoldus gereëngageerd voor de tijd van twee jaren zonder reëngagementsgeld. Met paspoort afgegaan op 25 mei 1839.

Op 19 juni 1839 werd Arnoldus aangenomen als marechausse te voet onder vrijstelling van borgtocht ingevolge autorisatie van het Departement van oorlog van 5 juni 1839 nummer 23. Op 28 augustus 1839 werd hij bevorderd tot marechaussee te paard.

Op 1 mei 1844 verliet hij het corps met paspoort als overcompleet en op eigen verzoek, ingevolge autorisatie van het D.v.O. van 20 april 1844 nummer 13b.

Op 3 juli 1844 werd hij echter alweer aangenomen als marechausse te voet onder vrijstelling van borgtocht krachtens magchtiging van den heer generaal majoor belast met het algemeen toezicht over het korps K.M. d.d. 22 mei 1844.

Arnoldus verliet het korps definitief op 31 januari 1853 met een jaarlijks pensioen van f 111,- aan hem verleend bij K.B. 13 januari 1853 nummer 65 en autorisatie van het D.v.O. van 19 januari 1853 nummer 37.

Veldtochten

Arnoldus nam deel aan de veldtochten van 1830, 1831, 1832, 1833, 1834, bij gelegenheid van de opstand in België, bij het mobiele leger.

Onderscheidingen

Op 5 april 1832 werd hem het metalen kruis verleend; op 2 december 1837 de bronzen medaille met f 12,- gratificatie, tengevolge van ministeriële aanschrijving van 30 october 1837 nummer 12.

Loopbaan als veldwachter

Nadat Arnoldus op ongeveer vijfenveertigjarige leeftijd het korps K.M. had verlaten, keerde hij uit Roermond terug naar de streek waarin hij was geboren. Hij trad in dienst bij de gemeente Bathmen als veldwachter. Hierover lezen wij in het Politieregister Overijssel #RA Overijssel (Zwolle), Provinciaal Archief.#:..tractement (130: doorgehaald, 154: doorgehaald) 200. emolumenten: ? toelage: om de twee jaar nieuwe bovenkleding en alle jaar een paar schoenen. In mei 1827 in militaire dienst, als milicien, later als vrijwilliger en gediend als marechaussee te voet en te paard. Den 2. december 1837 de bronzen medaille met f 12 gratificatie. Is zeer bekwaam en geschikt als veldwachter die zijn betrekking met ijver en geschiktheid waarneemt.
Gehuwd te Gorssel 23 dec 1853, get. Willem Olden met:
Gerritjen Welbergen, geb. 01 jan 1828, ovl. te Bathmen 19 jul 1890, beroep(en): tolgaardster (vanaf 1884) 1e huwelijk 2e huwelijk, dochter van Hendrik Welbergen en Gardina Olden

2) Johanna Preusterink, geb. 31 mei 1810, beroep(en): dienstmeid
Gehuwd te Bathmen 18 sep 1846 met:
Jan Dolderman, geb. te Zuidloo gem. Bathmen 18 sep 1811, zoon van Jannes Dolderman en Teuntjen Goldenbelt
3) Gerrit Preusterink, geb. 22 jul 1811, ovl. 25 dec 1811
Hoofdindex A-Z